Brieven
3 februari 2020 om 14:50Nico ziet ze vliegen
Als lezer van de Scherpenzeelse Krant en natuurliefhebber heb ik met stijgende verbazing het artikel met als kop 'Vondst van grote politieke betekenis' met het onderschrift 'Nico de Haan verrast door ontdekking dassenburcht', gelezen.
Ik woon zelf al 43 jaar in Scherpenzeel en ben vervend natuurliefhebber. Bij regelmaat ben ik dan ook te vinden in de natuur rond Scherpenzeel. Alles wat vliegt trekt mijn aandacht. Ik was dan ook één van de trouwe kijkers van het vroegere tv-programma 'Baardmannetjes', met als presentator-duo Nico de Haan en Hans Dorrestijn.
Maar niet alleen de vogelwereld interesseert mij. De hele natuur. Geregeld fiets ik een rondje Breehoef of wandel over de liniedijk of door de Slingers. En wat je dan tegen kan komen is met geen pen te beschrijven: jonge boommarters, mooie reebokjes in de bronst en zo ook de dassen rond Scherpenzeel. Mooie heimelijke dieren die tot de verbeelding spreken. Spreek een natuurliefhebber en hij zou je kunnen vertellen waar deze dieren zitten. Waar niet, kan je beter zeggen! Natuurlijk, dassen moeten wel droge voeten houden om hun burchten te bouwen om in te kennen leven. Dus nee, geen vaste bewoner van de weilanden van Zwarte Land II, maar bijvoorbeeld wel van de in de buurgemeente gelegen liniedijk, de Slingers en onder andere het oude Pon-lijntje. Mooie dieren die je zelden tegenkomt. En dat is dan ook de reden dat veel mensen dit dier zien als een zeer zeldzame bewoner van onze omgeving.
En Nico buit dit in zijn artikel uit. Alsof het aliens betroffen die heimelijk in Erea 52 (Nevada-USA) worden achtergehouden. Maar niets is minder waar. Je moet er wel wat voor over hebben, bijvoorbeeld uren lang stil zitten op een locatie waar je denkt dat dit dier zal verschijnen. En helaas, de meeste dassen die je ziet zijn doodgereden. Zo ook in het verhaal van Nico de Haan aan de Brinkkanterweg. Onder Woudenberg wel te verstaan tussen Hoeve de Beek en de Slingers.
Dassen zijn beschermd, zo stelt Nico, en dat is zo. 'De das voor uitsterven te behoeden', mooi gezegd. Staat zo in wetgeving en komt Nico mooi uit om dat te bevestigen. Vergeet dan niet te zeggen dat er tientallen, zo niet meer, leven in de wijde omgeving. Dat de das misschien op de weilanden van de beoogde gebied Zwarte Land II voorkomt als foeragerende passant, kan ik nog wel in komen. Maar om te zeggen dat het leven van deze dassen, welke vaste bewoners zijn van de eerder omschreven driehoek, af hangt van die enkele worm, muis of ander voedsel dat hij of zij op doet tijdens de wandeling over die weilanden, is een sprookje.
Nico spreekt zich in het artikel ook wel een beetje tegen; hij benoemt de meeste weilanden als het zogenaamde 'Grasfalt', waar de bodem dood is en geen worm te vinden. Met daarnaast enkele andere weilanden en terreinen die wel van belang zouden zijn. Het is maar hoe je het zien wil. Wel een mooi sprookje natuurlijk voor de Stichting Houd Scherpenzeel Groen en Gezond. Maar Nico, mag ik je een advies geven? Blijf bij je leest en maak weer eens een mooi programma over vogels.
Ad Verbeek
Scherpenzeel