
‘De Kuifmees, een markante inwoner van Scherpenzeel’
11 november 2025 om 14:00 ColumnVALLEI & OVEREEM Vogelaar en fotograaf Mathijs Overeem struint graag door de afwisselende natuur rond zijn woonplaats Scherpenzeel. Maandelijks schrijft hij in zijn column Vallei & OverEem over zijn bijzondere waarnemingen.
Het is met de buien van de afgelopen weken soms niet voor te stellen, maar we hebben prachtige herfstdagen gehad. Dagen waarop het bij de gemiddelde vogelaar meer dan normaal kriebelt om naar buiten te gaan. Met de najaarstrek op haar hoogtepunt zit ons land bij vlagen vol met vogels. Spanning en sensatie in vogelliefhebbend Nederland.
Het zijn voor mij heerlijke dagen. Scherpe roepjes van koperwieken, harde tikjes van zanglijsters, nasale roepjes van de keep en misschien wel het mooiste: het melodieuze gebrabbel van groepjes veldleeuweriken vult onze luchten. Er gaat op een mooie najaarsdag in het bos geen minuut voorbij zonder overvliegende vogel, waardoor het ontzettend leuk en spannend vogelen is.
OVERWINTERAARS
De diversiteit aan vogels op zulke dagen vind ik prachtig, maar bovenal het idee dat veel van deze vogels vanuit noordelijke streken hierheen zijn gevlogen om te overwinteren blijf ik een verwonderlijk fenomeen vinden. Op een goede najaarsdag met gunstige weersomstandigheden vliegen er honderdduizenden, zo niet miljoenen trekvogels over ons land. De reden hiervan is niet de kou, maar het voedseltekort in noordelijke streken. Tijdens deze gewaagde reis liggen er vele gevaren op de loer: storm, hongerige roofvogels en uitputting maken mijn bewondering voor de vogeltrek zo ontzettend groot.
Tijdens die trek komen vogels even aan de vaste grond. Vaak om even bij te komen, om in groepjes voedsel te zoeken of omdat dit als de juiste plek voelt om te overwinteren. Deze vogels maken het najaar en de winter een leuke periode om erop uit te gaan. Langzaam loop ik door de bossen en langs bosschages om zoveel mogelijk vogels op te merken. Dat hoeft niet altijd moeilijk te zijn: de net gearriveerde vogels trekken voedselzoekend van boom tot struik en houden daarbij veel contact door naar elkaar te roepen. Probeert u eens bij zo’n groepje vogels stil te staan en te kijken wat er allemaal tussen zit: met een beetje geluk zitten er in een grote groep (een ‘flock’ in vogelaarstermen) zo zeven verschillende vogelsoorten.
De geluiden verraden de aanwezigheid van de soorten om me heen in het bos: groepjes met goudhanen, vuurgoudhanen, pimpelmezen, koolmezen, boomkruipers, glanskoppen en staartmezen schieten om me heen door de lage begroeiing. Totaal gefocust op voedsel en doordat sommigen vanwege hun Scandinavische afkomst geen gevaar in een mens zien, komen ze tot op een meter afstand van me. Zoveel vogels in een middagje doen me laten genieten.
Even later, gearriveerd bij het Zwarte Water op Groot Wolfswinkel, blijf ik nog een laatste keer stilstaan. Een groep kruisbekken vliegt al roepend over, terwijl ik in het bos naast me een koppel goudvinken hoor roepen. Ik speur een gagelbosje af met mijn verrekijker en zie druk foeragerende goudhanen, een tjiftjaf en een opvallende verschijning wanneer een kuifmees plots in beeld verschijnt. Een soort die zijn naam meer dan eer aan doet. Na enkele minuten besluit deze prachtige mees zich terug te trekken in een grove den. Deze ‘macho-mees’ past naar mijn mening prima in het rijtje met markante inwoners van Scherpenzeel.















